12footnews
International 12 foot dinghy
vrijdag 24 juli 2026
Interview Wim Bleeker
Wim is sinds maart 2026 voorzitter van de Twaalfvoetsjollenclub. Hij zeilt sinds 2010 12voetsjol en werd vier keer Nederlands kampioen. Daarvoor zeilde hij 16m2, Laser en Flits, Zeilen heeft hij geleerd op het Leekstermeer, een klein meer vlakbij Groningen. Wim werkt als chirurg in Assen en gaat over 1,5 jaar met pensioen. Het plan is daarna een 12voetsjol te gaan bouwen. Wim is de 10 jaar jongere broer van Pieter Bleeker.
Hoe zijn de hermeetplannen in de club gevallen?
Niet goed. Wij hebben hierover een enquête onder onze leden uitgezet en 90% ziet deze plannen niet zitten. De meningen zijn verschillend maar we komen uit een periode van diepe verdeeldheid over de definitie van eenheid van de klasse en veel leden willen daar geen ruzie meer over. Daarnaast heeft dit voorstel een kostenverhogend en daardoor drempelverhogend effect. Het Watersportverbond heeft m.i. onvoldoende oog voor het feit dat het aantal deelnemers in “oud hout” terugloopt. Als bestuur proberen wij om grote velden aan de start te krijgen met een positieve wedstrijdmentaliteit. En daar helpen deze plannen niet bij.
Is de eenheid van de klasse dan geen probleem?
Zoals gezegd komen we uit een periode van diepe verdeeldheid over bepaalde meetpunten van de jol. Dit culmineerde in een strijd over de zwaardkast. Bij een deel van de zeilers en de TC was er het gevoel dat er ‘vals’ gespeeld werd door sommige zeilers omdat zwaardkasten ‘illegaal’ smaller zouden zijn gemaakt terwijl de overgrote meerderheid dacht (en denkt) dat dit een natuurlijk proces is ten gevolge van houtwerking en dat er spijkers op laag water gezocht werden. Afgezien van de kosten die mensen hebben gemaakt om hun zwaardkast uit te laten vijlen heeft het ook tot beschadiging van personen geleid. Natuurlijk is een gelijk speelveld belangrijk, maar de TC’s van de afgelopen jaren en ook de TCW van het Watersportverbond zijn hier m.i. doorgeschoten. Een redelijk gelijk speelveld, als het gaat om de eenheid van de romp van de jol, is denk ik het hoogst haalbare. De normen moeten niet strenger worden maar juist verruimd en vereenvoudigd zodat meer jollen van zolders worden gehaald en weer kunnen deelnemen aan wedstrijden zonder hoge kosten opgelegd door het verbond.
Waarom?
In 1993 heeft het verbond het ontwerp van de originele International 12foot dinghy uit 1913 aangepast. Alle maten zijn omgezet van inches naar cm, waarbij er tegelijkertijd een verenging van de marges heeft plaatsgevonden. Het voorste spant is b.v smaller geworden t.o.v. het origineel. De schizofrene situatie ontstond dat jollen die volgens de regels van Cockshot waren gebouwd, werden afgekeurd. Dispensatie was dan nog een middel voor coulance (zoals nu de grand-father rule) maar het is toch raar dat een boot die gebouwd is naar het origineel uit 1913 afgekeurd wordt dan wel bij hoge uitzondering als een soort coulance mag meedoen?
Wat is dan het alternatief voor de hermeetplannen?
Net als de 16m2 willen wij zelf aan het roer zitten. Als we een eenvoudig meetformulier maken met een aantal essentiële meetpunten (lees punten die van belang zijn voor een gelijk speelveld) kunnen koper en verkoper daar best zelf uitkomen. In principe moeten we de verbondsmeter daar ook niet voor nodig hebben. De TC zou een eenvoudige (uniforme) meetmethode moeten ontwikkelen waarbij mensen zelf hun boot kunnen meten. Het 4 ogen principe, zoals dat in de geneeskunde heel gebruikelijk is, kan ook hier van dienst zijn zodat koper en verkoper aan elkaar kunnen laten zien dat de romp voldoet aan de eisen. Deze jollen zijn daarna wat ons betreft geschikt voor wedstrijden. Jollen hebben een lage rompsnelheid, zo nauw steekt het allemaal niet. We willen niet langer spijkers op laag water zoeken maar als vrienden met elkaar zeilen in een gezellige kameraadschappelijke sfeer die de jollenklasse altijd gekenmerkt heeft.
Hoe is de samenwerking met andere KO’s
Dat zou natuurlijk beter kunnen. Ergens zijn we natuurlijk ook concurrenten, maar de hermeetplannen van het watersportverbond laten zien, dat we beter gezamenlijk kunnen optrekken. Bij ons leeft het idee dat de TCW beter kan bestaan uit de voorzitters van de TC’s uit elke klasse. Dan krijg je kruisbestuiving, bijvoorbeeld bij de wijze van meten. Een meetlijn onderlangs geeft een veel beter beeld van het onderwaterschip. Daar zouden we elkaar kunnen versterken. Maar bijvoorbeeld ook bij de CAD/CAM ontwikkelingen.
CAD/CAM?
Het watersportverbond verkoopt papieren tekeningen. Wij hebben stappen gezet richting het digitaliseren van het originele ontwerp uit 1913 van de ontwerper George Cockshott, CAD CAM is computer aided design en computer aided manufacturing. Wij zijn wel de oudste klasse, maar niet van gisteren, zegt Wim met een lachend gezicht.
Hoe denkt het verbond daarover?
Dat weet ik niet. De verkoop door het verbond van papieren tekeningen werkt drempelverhogend en in die zin ben ik er niet voor. Wij hebben wel plannen richting innovatie, want ook in het buitenland is de 12voetsjol nog steeds populair, zelfs in Japan. Er is veel belangstelling van amateur bouwers, zowel in Nederland als daarbuiten. Dat willen we graag faciliteren. We zien dat als middel om een klassiek houten, overnaads bootje voor de toekomst veilig te stellen. Niet voor niets is overnaadse bouw, Unicef erfgoed.
En daarna weer een Olympische klasse, net als in 1928?
Ha, ha. dat zou een goed idee zijn. Maar dat zit er niet in. Misschien maar goed ook. Ik zie jol zeilen als een spelletje, dat leuk moet zijn (en blijven) voor iedereen. In dat geval wordt het topsport en dat moeten we niet hebben. Wij willen ons richten op samen zeilen met mensen uit alle landen hetgeen leidt tot nieuwe contacten, vrienden en verbroedering. Ik heb in al die wedstrijden geweldige mensen ontmoet met diverse achtergronden uit veel landen. Zowel in Italië, Slovenië, Engeland, Denemarken, Duitsland en Frankrijk heb ik wedstrijden in de jol gezeild en ik zou graag willen dat wij als Nederlandse jollenzeilers meer van onze plas afkomen en onze liefde voor de jol verspreiden. Het klinkt bijna als een religieuze missie realiseer ik me nu (ha, ha)
Wat verwacht je van de bijeenkomst in oktober?
Dat de hermeetplannen van het Verbond dusdanig gewijzigd worden dat klassenorganisaties meer ‘in the lead’ komen. In de zeilsport moeten we ons richten op alles wat de drempel om te gaan zeilen kan verlagen. Elke boot met een meetformulier is in principe geschikt, maar voor absolute zekerheid kan een koper zelf, samen met de verkoper, een simpele keuring uitvoeren. Dit geeft zekerheid voor de koper en automatisch een gelijk speelveld. Het hoeft allemaal niet zo ingewikkeld te zijn. Bovendien is er binnen elke klasse genoeg kennis aanwezig. Hopelijk ziet het Verbond dat ook en willen ze er gezamenlijk met ons op een constructieve manier uitkomen.
