12footnews

International 12 foot dinghy

woensdag 26 februari 2020

zwaard-hals-neerhaler


Blauw is de zwaard-, rood is de neerhaler- en groen is de halstalie. Maar hoe is het allemaal bevestigd en welke blokken en touwtjes heb je nodig. Mark Delany uit Ierland vroeg hiernaar.

De tekening geeft alles schematisch weer. 1-schijfsblokken, 2-schijfsblokken, vioolblokken al dan niet met hondsvot staan aangegeven op de tekening. Een kruisje stelt een knoop, bindsel of splits voor. Voor het touwwerk kun je het beste 5mm dyneema kopen, het loopt gemakkelijk in de blokken en rekt niet. Voor de zwaardtalie zou ik 7mm nemen, polyester of nylon touw rekt wel iets, maar is voldoende. Neerhaler en hals moeten na de curryklem lekker in de hand liggen. Zacht en dik touw is het beste, veel grip dus. Een dikte van 12mm is prima. Verschillende kleuren is ook handig, zo vergis je je nooit.

De grote truc: het derde handje. Met behulp van deze vertraging krijg je 50% reductie.
In dit foto album zie je alle blokken van mijn jol NED824. De NED888 is op dezelfde manier ingericht.

vrijdag 21 februari 2020

Roeiriemen


Het voordeel van roeiriemen is, dat je met bladstil weer, altijd weer als eerste op het terras zit. Ze zijn niet verplicht, maar horen m.i. nu eenmaal bij een 12voetsjol c.q International 12foot dinghy. Een roeiriem is 1,4kg, roeidol 0,2 en een peddel 0,9. Die 5 kilo in totaal extra, maakt echt het verschil niet. Vaak naar de sportschool gaan, compenseert veel. Alle 5 keer dat ik Nederlands kampioen mocht worden, was met roeiriemen. Dit jaar een nieuwe leren bekleding aangebracht. Dat is nog best een lastige klus, daarom hier een paar tips. Afstand tussen de gaatjes 9mm. Gaten in het leer aanbrengen met een boortje 2,5mm. Dik bindseldraad gebruiken van 1,5mm. Leer kan heel stug zijn, maar even weken in lauw water helpt echt. Leer om de riem aanbrengen en dan een spleet van 2mm overhouden, is een mooi gezicht. Besteed vooral hier aandacht aan. De lengte van de roeiriemen is iets tussen de 1,95 en 2,10. In dat geval zijn ze nog redelijk gemakkelijk op te bergen. Met het blad naar voren vlak naast de mast, bevalt erg goed. De klassencontroleurs hebben eens tegen mij gezegd, dat een roeiriem geen peddel is. Roeiriemen plus roeidollen zijn optioneel, maar een peddel is verplichte inventaris. Strikt volgens de Nederlandse klassenregels, klopt deze redenering. Alhoewel het natuurlijk wel een beetje flauw is roeiriemen uit te sluiten. Maar regels zijn tegenwoordig regels en dus naast de roeiriemen ook nog maar een houten peddel gemaakt. Geen risico. Let op: de lengte van de houten peddel moet minimaal 80cm zijn. Een plastic geval van 40cm kan een technisch protest opleveren!

Amerikaanse roeidollen zijn rond en gesloten.

zondag 2 februari 2020

Buiswater


Buiswater en een 12voetsjol is geen goede combinatie. Bij hoge golven staat het water binnen de kortste keren boven de vloerdelen. En dan loop je risico's op omslaan. Maar daarnaast is het bepaald niet bevorderlijk voor de snelheid. Wat kun je eraan doen?. Supersuck zelflozers werken ook nog aan de wind. Anderson of Elvstrom zelflozers lozen alleen voor de wind. Sommige jolzeilers hebben vier zelflozers, maar twee supersucks vind ik eigenlijk wel voldoende. Wat nog veel beter is: voorkom dat er zoveel water binnenboord komt. Dat kun je doen, door samen met je bemanning 10 of 20 cm naar achteren te gaan zitten. Dan boet je wel iets in op snelheid, maar dat weegt ruimschoots op tegen de enorme hoeveelheden buiswater in je boot. Het zal snel 40ltr zijn.

De modernistische (Italiaanse) factie van de twaalfvoetsjollenclub ziet een electrische pomp wel zitten. Plus een accu voor de stroomvoorziening. Op een haar na heeft dit voorstel het niet gehaald tijdens de laatste technische vergadering. Een groot nadeel van een pomp: het jaagt iedereen op kosten en past ook niet erg bij het klassieke karakter van een jol. Bovendien is het extra gewicht. En waar moet je het water kwijt: in de zwaardkast of met een slang buitenboord? Voorkomen dat er veel water binnenboord komt is beter, door meer naar achteren te gaan zitten. Het lijkt wat raar, de kop van de jol uit het water, maar is wel effectief.

Wat ook helpt: vaar de jol zo recht mogelijk. Dat valt met een harde wind niet mee. De truc: Zet de neerhaler vrij los, zodat meer twist in het zeil ontstaat. Ook de schoot wat laten vieren helpt. En uiteraard zo ver mogelijk buitenboord hangen.

Advies voor de volgende technische vergadering: aantal zelflozers terug brengen van 4 naar 2. De electrische pomp niet weer op de agenda plaatsen.

Mast bescherming


Een regenpijp van 7 cm is nog altijd de goedkoopste bescherming van de 12voetsjolmast. Maar het is wel een crime de drie stukken netjes aan te brengen. En niet allemaal schots en scheef. Hier een paar tips.
Met een verstekbak en een kapzaag lukt het goed de pijp recht door te zagen. Daarna de pijp op een stuk balk inklemmen en met een mulitool een nette zaagsnede maken. Dat is nog niet voldoende, want na plaatsing moet de zaagsnede overal op gelijke afstand staan: 1,5 tot 2 cm gelakte mast moet nog zichtbaar zijn. De mast is niet overal even dik. Zet de pijp om de mast en zet vervolgens aan 1 kant een potloodstreep, zodat overal dezelfde tussenruimte ontstaat. Met de multitool vervolgens weer een klein strookje eraf zagen. Beetje bijveilen, vooral de hoeken, een paar gaatjes boren voor de spijkertjes of schroefjes en je mast is weer goed beschermd. En ook nog netjes.

met de verstekbak en aan kapzaag recht afzagen

met de multitool, de pijp open zagen. van onderen naar boven. Met de ronde zaag gaat het heel vlot.

de finishing touch. Een smal strookje extra afzagen, zodat de tussenruimte na plaatsing ca. 17mm is. een beetje afhankelijk van de dikte van de mast. als het maar overal gelijk is.

zondag 26 januari 2020

Dun of dik


Op de foto 2 gaffels en 2 gieken. De 2 aan de linkerkant zijn superdik. De twee aan de rechterkant superdun. De meeste jolzeilers gebruiken een giek en een gaffel, die er een beetje tussenin zitten. Maar ik houd van extremen. Wil je voor zeker gaan: kies dan superdik. Dat gaat altijd goed. Vooral met harde wind. Het voordeel van supderdun: zowel giek als gaffel zijn 0,8kg lichter. Bij zachte wind scheelt elke kilo. Maar ook de wind "pakt" wat eerder het zeil, de acceleratie zal iets beter zijn. Voor de wind heeft een dunne giek het voordeel, dat een soort trampoline effect ontstaat. Goed binnen de wind varen, geen druk op het roer en nog een trampoline effect. Succes verzekerd. Bij harde wind zal de dunne gaffel naar opzij buigen. Zit je er met 2 man in, een nadeel: veel minder druk in het zeil. Maar als je alleen vaart, kun je de boot weer langer rechtop varen.
Een dunne giek en gaffel is maar een onderdeel van de vele factoren, die de snelheid beinvloeden. (voor de goede orde: een mm nauwere zwaardkastspleet in het midden hoort daar volgens mij niet bij!!). Nog belangrijker: een goede klap in het kruisrak, maakt echt het verschil. Tijdens de training op het Zuidlaardermeer, 28 maart 2020, zal ook het onderwerp dun-of-dik uitgebreid aan de orde komen. Zie ook training-28-maart.

naschrift1: Hero Breuning vroeg zich af, of het allemaal wel aan de klassenregels voldoet. Voor de goede orde hier alle maten, waar een technisch protest over kan ontstaan.
gaatje in het beslag 6mm
max. lengte giek en gaffel 3660mm
afstand tussen de zwarte banden 3580mm
dikte gaffel: max. 35, 58, 41mm (dit zijn de meetpunten: eind, midden, begin. maar tussen de meetpunten kun je 58mm aanhouden. Dit is de truc)
dikte giek: max. 35, 51, 41mm (eind, midden, begin)
afstand strop van gaffel tot eind: 85mm (denk om evt. kraal). plaats 170mm binnenkant zwarte band plus/min 40mm
afstand tussen de stroppen min. 200mm
toleranties: tussen de 5 - 100mm. 1mm tolerantie, 101 - 500mm. 2mm tolerantie

naschrift2: Fred Knitel maakte mij attent op een fout. Ik had 85mm aangegeven voor de gaffel. Dat moet uiteraard 58mm zijn.

Een experimentele gaffel met een doorsnee van 85mm (zie links op de foto) had ik al gemaakt :-), en is wat aan de dikke kant. Het voldoet formeel natuurlijk ook niet aan de klassevoorschiften.

Fred Heeft ooit een gaffel gemaakt met een dikte van 35mm. Dat was veel te dun. Het liep ook bij zachte wind voor geen meter. Een dunne gaffel veroorzaakt dan te veel twist in het grootzeil. Mijn "dunne" gaffel heeft een doorsnee van 51mm.

naschrift 3. wil je de theorie weten over twist in het grootzeil. Het heeft alles te maken met een dunne gaffel. Zie deze film van sailsupply. Een tip van Hero. Aanrader.


vrijdag 13 december 2019

Klassiek of modern


Door Pieter Bleeker. Op persoonlijke titel.

Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. En dat zoiets heel goed kan in onze klassieke 12voetsjol, bewijst bovenstaande foto :-). Genomen tijdens Boot Holland in Leeuwarden.
Volgens Max Blom, voorzitter van de Kaag maar nu ook van het platform wedstrijdzeilen is het vijf voor twaalf. Als we niet oppassen gaat de zeilsport in Nederland ter ziele. De regenboog, 16m2, 30m2, pampus en 12voetsjol vormen de ruggegraat van het Nederlandse zeilen. In Engeland is het een trend dat alleen in echt klassieke klassen nog muziek zit. Er zijn inmiddels zoveel klassen van modern plastic, dat het niet leuk meer is. En de populariteit dus snel afneemt.
Ik kon helaas niet bij de laatste technische vergadering aanwezig zijn, maar ook daar was weer discussie over moderne frivoliteiten als de losse broek, opklapbaar aluminium roer, elektrische pomp en de metalen wandspanner. De vraag is, wat willen we met zijn allen? Gaan we richting modern of blijven we zo dicht mogelijk bij het ontwerp van 1913. De international12 association heeft duidelijke keuzes gemaakt. Tijdens de Oostende Olympic Centennial van 11-12 juli 2020 wordt niet toegestaan dat plastic en moderne houten jollen meedoen. De Belgische Twaalfvoetsjollenclub olv Philippe Royaux steunt deze visie. De Nederlandse Twaalfvoetsjollenclub twijfelt nog over de koers, is mijn indruk. Vooral Patricia Surendonk is een groot pleitbezorger voor meer samenwerking met de Italianen, dus richting modern. Niets mis mee, maar de vraag is wel of het verstandig is en goed voor de eigenaren van een klassieke 12voetsjol. Het laatste staat zelfs omschreven in de statuten. Ik moet toegeven dat ik tijdens mijn voorzitterschap van 2006 tot 2011 aanvankelijk naief met deze materie ben omgegaan. Achteraf, met de wetenschap van nu, kortzichtig en onverstandig. Wijlen Hein Daniels (voorz TC en ex-voorzitter) had me nog zo gewaarschuwd: "Pieter, in de jaren 80 was er ook uitwisseling en toen zijn moeilijkheden ontstaan, omdat zij moderne principes hanteren en wij nu eenmaal klassieke. Dat is niet op 1 lijn te brengen, het mislukt, doe het niet. Houd afstand". Hein had achteraf groot gelijk. In het voorjaar gaat het huidige bestuur naar Italie voor een kennismaking met de AICD, Donald Schotel vertelde mij dit. Altijd gezellig, maar ga daarna niet enthousiast iets gezamenlijks proberen te organiseren, wat niet in het belang is van de Twaalfvoetsjollenclub. Veel beter is het duidelijke keuzes te maken. Of je gaat voor echt klassiek of je gaat voor heel modern. Een zwabberkoers, zoals nu, is onverstandig. En als dat toch wordt doorgezet, krijgt Max Blom zeker gelijk. De ALV in 2020 kan ik niet meemaken, maar zal in gedachten zeker aanwezig zijn. De geschiedenis herhaalt zich vaak. Bijgaand blog artikel uit 2012 wil ik daarom graag onder ieders aandacht brengen. Fred Udo en Reinhard Schroeder waren mede auteurs. Misschien kunnen zij een toelichting geven, zodat de strategische fouten die ik van 2006 tot 2011 heb gemaakt niet weer worden gemaakt.
Een grote meerderheid (> 90%) heeft o.l.v toenmalig voorzitter Henk van der Zande een duidelijk standpunt ingenomen: scenario 3. Het lijkt mij verstandig dat weer te gaan doen, maar in een democratie beslist nu eenmaal de meerderheid plus 1. Ik ben benieuwd.

dinsdag 3 december 2019

Training Zuidlaardermeer 28 maart 2020


De traditionele training op het Zuidlaardermeer vindt plaats zaterdag 28 maart 2020. Aanvang 10:00hr. Na het optuigen van de boten, volgt een instructie van de trainers: Pieter Bleeker, Wim Bleeker en Jeroen de Groot. De 3 trainers zijn ervaren (gezamenlijk 11 keer kampioen) en delen graag hun kennis.
ca. 12:00hr het water op, waarna we eerst de boothandling gaan oefenen zoals overstag gaan en gijpen. Vervolgens een paar korte trainingswedstrijden. Tenslotte een nabespreking in het gezellige clubhuis van ZZ.
Deelname is gratis. Graag wel opgave vooraf bij Pieter Bleeker (0612230316) of Jeanet Blokland, regiocommissaris Noord. zie twaalfvoetsjollenclub.nl
Ook nieuwkomers in de klasse zijn welkom. Meestal is er wel ruimte mee te zeilen met iemand. Zeilpak en zwemvest meenemen is verstandig.
Type in de routeplanner: Meerweg 58, Kropswolde voor het clubhuis van ZZ. Zie ook google maps.
Hier de foto's van de training uit voorgaande jaren: training 2017 en training 2015.Een instructiefilm gijpen, in 2014 gemaakt in Frankrijk op het Lac des Settons. Wim Bleeker toont de roll tack, een film gemaakt in 2018 tijdens de friendshipseries in Kopenhagen, Denemarken.
.
Het totaal gewicht van de 12voetsjol / international12 varieert tussen de 170 en 190kg, zeilklaar. Een belangrijk criterium voor een eerlijke wedstrijd. Bert Hamminga meet het zorgvuldig na. In 2020 komt hij met de 3D scanner naar het Zuidlaardermeer.

donderdag 21 november 2019

Oostende Olympic Centennial 2020


100 jaar na de Olympische spelen van 1920 zeilen er weer 12voetsjollen in Oostende, België. Van 11,12 juli wordt het Oostende Olympic Centennial 2020 georganiseerd door de klassenorganisatie "Twaalfvoetsjollenclub Belgie", voorzitter Philippe Royaux. België heeft een roemrucht verleden in de 12voetsjol. Klik op Olympische historie, auteur Bert Hamminga i.s.m. Dolph Blusse. 11,12 juli 2020 is het begin van de vakantie, dus erg druk in Oostende. Het is verstandig tijdig onderdak te regelen. zie voor tips de PDF lodging, samengesteld door Geja van Ommen. Op de website van de Twaalfvoetsjollenclub Belgie , is de laatste informatie te vinden. In 2019 heeft een test event plaats gevonden. Zie de foto's. De Noordzee is te gevaarlijk voor de 12voetsjol, daarom zullen de wedstrijden worden verzeild op de spuikom bij de zeilvereniging VVW Inside-Outside. zie google maps. Schietbaanstraat 100, 8400 Oostende, Belgium. De wedstrijden zijn open voor klassieke international 12's of 12voetsjollen, die voldoen aan de Copenhagen rules.
.
De Belgische voorzitter Philippe Royaux met de hoofdprijs: een jol in een fles.
klik hier voor olympic history . De engelse versie. Aan het document wordt nog gewerkt, een groei document. kijk dus regelmatig om de laatste versie te kunnen lezen.

zaterdag 9 november 2019

Bijeenkomst regio Noord


Durk Zandstra heeft de jaarprijs van de regio Noord gewonnen. Hero Nieveen wint de skreppersprijs, de grootste stijger in het klassement. Jeanet Blokland leidde weer zeer professioneel de meeting op 9 november 2019. Een grote opkomst en veel nieuwe gezichten. Er zijn afspraken gemaakt over Boot Holland, de voorjaarstraining op het Zuidlaardermeer, de toertocht en de buitenlandse wedstrijden, Het belangrijkste evenement in 2020 is het Nederlands Kampioenschap op Langweer, waarbij diverse vrijwilligers zich hebben aangemeld. Er kan nog wel een kink in de kabel komen, als het bestuur overdreven zwaar gaat inzetten op de handhaving van de regels. Tijdens de ALV zal de juriste Willeke Zandstra een standpunt verkondigen waar veel jolzeilers het mee eens zijn. Deelname aan de technische vergadering van certificaathouders op 30 november is afhankelijk van de agenda. Volgens Hero, werkt de TC daar nu aan.
Bert Hamminga kon door zijn gebroken been niet deelnemen, maar stuurde nog wel een muzikale groet. Ierse muziek, oefenen voor het Clinkerfest festival 30 mei - 1 juni 2020 in Ierland.
zie hier de foto's

Links regio voorzitter Jeanet Blokland, Rechts de wedstrijdsecretaris Hero Nieveen, zichtbaar blij met de Skrepperprijs.

zaterdag 2 november 2019

Technische vergadering van eigenaren



Door Pieter Bleeker, op persoonlijke titel.

Sjouke Dijkstra heeft mij een aardige mail gestuurd. Pieter, er worden alleen maar meningen en emoties geventileerd. Geen concrete voorstellen waar het bestuur straks de agenda mee kan vullen van de technische vergadering van eigenaren. Hij stelde voor dat ik voor 9 november (regio Noord bijeenkomst) met een concreet voorstel kom en dat ik me na afloop uiteindelijk ook bij de meerderheid van de komende vergadering ga neerleggen. Sjouke is onderwijzer geweest en herkent in mij waarschijnlijk een opstandig Noordelijk karakter. Nou vooruit, Sjouke heeft gelijk. Ik zou graag zien dat punt 1 van de agenda er als volgt gaat uitzien.
"De eigenaren van geregistreerde 12voetsjollen hanteren het principe van soepele regels"
Van alle klassen heeft de 12voetsjol, de meeste regels. We hebben er zoveel, dat we nauwelijks meer tijd hebben voor datgene waar het echt om draait, het zeilen van gezellige wedstrijden. Ook keuren we steeds meer boten af, vooral de antieke. In de Optimist klasse speelde hetzelfde: hoosvat 4 ltr i.p.v de regel 5 ltr. Protest. Opzouten. Wat was de oplossing: het aantal regels werd gereduceerd tot alleen datgene wat echt bepalend is voor de snelheid. De rest zijn richtlijnen. Regels kennen straf. Richtlijnen zijn slechts aanbevelingen.
Onze klasse wordt ook wel liefkozend de Bejaarden Optimist genoemd en bij ons speelt precies hetzelfde. De spleetbreedte 1 mm te klein door vocht werking. Protest. Opzouten.
Soepele regels houden een redelijke mate van eerlijkheid in. Voor sommigen is dat niet genoeg. 100% eerlijkheid is de norm. In de laserklasse kan het ook, dus waarom niet in de jollenklasse? Nou heel simpel: alle lasers komen uit één fabriek en zijn van plastic gemaakt. Onze jollen zijn van hout en kennen zowel amateur- als professionele bouwers. Dan ontkom je niet aan ruime toleranties.
In de jollenklasse heerst nu dus nog het principe: hoe meer regels hoe beter. Duuk Dudok van Heel is er voorstander van en heeft zijn steentje bijgedragen. Dat heeft ook wel voordelen hoor. In Italië zijn ze helemaal van God los. Alles is toegestaan: plastic - en houten jollen, die de inrichting van een Flying Dutchman hebben. Het is echt niet leuk, tegen dit soort race machines te zeilen. Het snelheidsverschil is gewoon te groot en dan is het niet eerlijk meer. Ga met je klassieke jol naar Italië en je komt er heel snel achter. Zie ook een vorig blog artikel
Punt 2 van de agenda kan daarom luiden: De eigenaren van geregistreerde 12voetsjollen hanteren het principe zo dicht mogelijk bij het ontwerp van 1913 te blijven.
In een eerdere ALV, in 2012, is dat al eens afgesproken, maar het kan nooit kwaad dat nog maar weer eens te bevestigen.
Punt 3 van de agenda: De eigenaren van geregistreerde 12voetsjollen hanteren het principe dat de Nederlandse (soepele) regels ook voor het buitenland gaan gelden. Onze tekeningen en klassenregels worden steeds meer een exportproduct en dat kan nooit kwaad. In welke Nederlandse klasse, kun je immers ook leuke wedstrijden zeilen in het buitenland. Maar dan is het wel verstandig wat verder te kijken dan alleen de grenzen van Nederland.
Als bovenstaande drie principes zijn aangenomen, staan alle neuzen weer in dezelfde richting en hebben we een fundering voor onderliggende regels. Het zal nog wel wat werk kosten, maar er loopt genoeg deskundigheid rond in het watersportverbond, twaalfvoetsjollenclub en International 12 association om er daarna iets bruikbaars van te maken.