12footnews

International 12 foot dinghy

zondag 4 oktober 2026

Mijn 12voetsjol loopt niet


door Pieter Bleeker (888)

Tijdens de sluitingswedstrijden KWS op Sneek 26-27 september was Erik van der Meer in de 674 mijn concurrent. Na de start varen we vlak bij elkaar een kilometer aan de wind, maar na een tijdje merkte ik: het loopt niet. Erik liep gewoon sneller. Dat is balen en dan ga je analyseren, waar ligt dat aan. Hier mijn gedachtenspinsels op dat moment:
1 Het zeil. We hebben beide hetzelfde zeil. kan niet de oorzaak zijn,
2 Gewicht. Ook ongeveer gelijk.
3 De plek waar je zit. Een beetje knobbelig water, dus 10cm achter het bankje. Doen we allebei.
4 Neerhaler. Klein beetje twist. Ook gelijk.
5 Hals. Ook wat aan.
6 Onderlijk grootzeil. Ik maak alles met een touwtje vast. Niet verstelbaar, dus niet over nadenken. Is ook niet belankrijk.
7 Jol rechtop varen. Op vlak water heel goed. Op knobbelig water is wat helling beter. Geeft ook wat meer loefgierigheid c.q. druk op het roer.
8 Breedte zwaardkast. Is bij mij 12mm. Maar heeft nihil invloed op de snelheid. Wetenschappelijk bewezen. Niet over nadenken dus.
Na alles afgepeld te hebben, bleef er maar 1 interessante variabele over, de spanning op de schoot. Nu zit daar een merkje (stukje tape) bij mij zodat je een exact beeld hebt van de schootspanning. Of Aerodynamisch gezien welke invalshoek heeft de wind op het zeil t.o.v de schijnbare wind. Ik moest toen aan het pooldiagram van de Duitser Otto Lilienthal denken, een luchtvaart pionier. Zeilen en luchtvaart gaan uit van dezelfde principes.
De verticale as in zijn pooldiagram hieronder, is 0 graden aan de wind. Recht in de wind dus. Dan is er geen lift werking van het zeil, alles klappert. De horizontale as is 90 graden tov de wind. Voor de wind dus. En dat levert alleen weerstand op van het zeil, geen liftwerking. Punt B is hoog aan de wind. Veel lift, weinig weerstand. Punt D is iets lager aan de wind. minder lift, meer weerstand Het diagram laat zien dat de schootspanning (c.q. invalshoek wind) heel nauw steekt op een boot met één zeil. Mijn fout: ik had de schoot te strak aangetrokken.
5 cm losser en het probleem was opgelost. Niet dat ik gelijk harder ging dan Erik, maar met een gelijke snelheid komt het weer op de taktiek aan en komen er kansen.
Waarom had ik de schoot te strak staan. De wedstrijden daarvoor was er veel wind..bft 5. Ook bemanning aan boord. Blijkbaar kleeft de wind dan beter aan de leizijde van het zeil en kun je het zeil dus strakker zetten en hoger aan de wind zeilen. Dat liep toen als een trein. Bij bft 2 moet de schoot dus weer iets losser staan. Nog even naar het diagram. Pompen mag niet in een wedstrijd maar doe je het wel dan ga je in het diagram van D naar C. Veel lift dus in 1 keer. Een vleugelslag van een vogel geeft hetzelfde effect.
Het mocht Otto Lilienthal niet baten. Bij een glijvlucht experiment in 1896 raakte hij zwaargewond en overleed een dag later.
Pooldiagram Lilienthal. Wil je nog meer aerodynamica kennis? Lees dan dit artikel over de spleetwerking tussen grootzeil en fok. Kennis die pas in de jaren 70 van de 20e eeuw is ontdekt.
Otto Lilienthal